• Maandag 6 Februari : Uit het boek Genesis 1,1-19.
    In het begin schiep God hemel en aarde. Maar de aarde was nog ongeordend en leeg, over de wereldzee heerste duisternis, en Gods Geest zweefde over de wateren. God sprak: Daar zij licht. En er was licht. En God zag, dat het licht goed was. Nu scheidde God het licht van de duisternis; het licht noemde Hij dag, en de duisternis noemde Hij nacht. Zo werd het avond en morgen: de eerste dag. God sprak: Er zij een uitspansel tussen de wateren, om de wateren van elkander te scheiden. Zo geschiedde. God maakte het uitspansel, en scheidde het water onder het uitspansel van het water daarboven; het uitspansel noemde God hemel. Weer werd het avond en morgen: de tweede dag. God sprak: Het water onder de hemel moet samenvloeien naar één plaats, zodat het droge te voorschijn komt. Zo geschiedde. Het droge noemde God aarde, het saamgevloeide water noemde Hij zee. En God zag, dat het goed was. God sprak: De aarde moet groene planten voortbrengen, zaaddragend gewas en vruchtbomen, die zaadvruchten dragen op aarde, elk naar zijn soort. Zo geschiedde. De aarde deed groene planten ontspruiten, zaaddragend gewas, en bomen, die zaadvruchten dragen, elk naar zijn soort. En God zag, dat het goed was. Weer werd het avond en morgen: de derde dag. God sprak: Er moeten lichten komen aan het hemelgewelf, om de dag en de nacht van elkaar te scheiden; zij moeten ook tot tekenen dienen voor vaste tijden, dagen en jaren; en als lichten staan aan het hemelgewelf, om de aarde te verlichten. Zo geschiedde. God maakte de beide grote lichten: het grootste licht om de dag te beheersen, en het kleinste om heerschappij te voeren over de nacht; bovendien de sterren. God plaatste ze aan het hemelgewelf, om de aarde te verlichten, om te heersen over de dag en de nacht, en om licht en duisternis van elkander te scheiden. En God zag, dat het goed was. Weer werd het avond en morgen: dat was de vierde dag.
  • Maandag 6 Februari : Psalmen 104(103),1-2a.5-6.10.12.24.35c.33a.
    Prijs de Heer, mijn ziel. Heer, mijn God, hoe groot bent U. Met glans en glorie bent u bekleed, in een mantel van licht gehuld. U hebt de aarde op pijlers vastgezet, in eeuwigheid wankelt zij niet. De oerzee bedekte haar als een kleed, tot boven de bergen stonden de wateren. U leidt het water van de bronnen door beken, tussen de bergen beweegt het zich voort. Daarboven wonen de vogels van de hemel, uit het dichte groen klinkt hun gezang. Hoeveel is het wat Gij gedaan hebt, Heer. en alles in wijsheid gemaakt, de aarde is vol van uw schepsels. Prijs de Heer, mijn ziel: Voor de Heer wil ik zingen zolang ik leef.
  • Maandag 6 Februari : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus 6,53-56.
    In die tijd toen Jezus en zijn leerlingen overgestoken waren, bereikten zij de kust van Gennesaret en liepen de haven binnen. Zodra zij uit de boot gestapt waren, herken­den de mensen Hem. Zij liepen heel de streek af en men begon de zieken op hun bedden naar de plaats te dragen waar men hoorde dat Hij was. Waar Hij maar binnenkwam, in dorp of stad of gehucht, legde men de zieken op de pleinen en smeekte Hem, of ze tenminste de zoom van zijn kleed mochten aanraken. En allen die dit deden, werden gezond.
  • Maandag 6 Februari : H. Faustina Kowalska
    Goddelijke barmhartigheid, die ons heel ons leven lang vergezelt, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons in het bijzonder op het uur van de dood omhelst, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons onsterfelijk leven schenkt, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons op ieder ogenblik van ons leven begeleidt, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons behoedt voor het vuur van de hel, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, in de bekering van verharde zondaren, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, verbazingwekkend voor de engelen en onbegrijpelijk voor de heiligen, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, ondoorgrondelijk in alle mysteries van God, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons boven alle ellende uittilt, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, bron van onze vreugde en geluk, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die ons uit het niets tot het bestaan roept, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, die al onze werken van zijn handen omsluit, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, bekroning van al Gods werken, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, in wie wij allen zijn ondergedompeld, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, zoete troost voor angstige harten, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, enige hoop van wanhopige zielen, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, rust van de harten, vrede te midden van angst, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, verrukking en extase van de heiligen, ik vertrouw op U Goddelijke barmhartigheid, hoop schenkend tegen alle wanhoop in, ik vertrouw op U. Eeuwige God in wie de barmhartigheid eindeloos is en de rijkdommen van ontferming onuitputtelijk zijn, zie goedgunstig op ons neer en vermeerder uw barmhartigheid in ons zodat we in moeilijke ogenblikken niet zullen wanhopen of moedeloos zullen worden, maar met groot vertrouwen onszelf aan uw heilige wil die liefde en barmhartigheid zelf is onderwerpen.
  • Zondag 5 Februari : Uit profeet Jesaja 58,7-10.
    Dit zegt de Heer: 'Deel uw brood met de hongerigen, neem de dakloze zwervers op in uw huis, kleed de naakte die gij ziet en keer u niet af van uw medemensen. Dan breekt uw licht als de dageraad door en groeien uw wonden spoedig dicht; dan gaat uw geluk voor u uit, en sluit de Heers glorie uw stoet. Als gij dan roept, geeft Jahwe u antwoord, en smeekt gij om hulp, Hij zal zeggen: ''Hier ben Ik!' Als gij het juk uit uw midden verwijdert, geen vinger bedreigend meer uitsteekt en geen valse aanklachten indient, wanneer gij uw hart voor de hongerige opent en de mistroostige verzadigt, dan straalt uw licht in de duisternis, dan wordt uw nacht als de middag.
  • Zondag 5 Februari : Psalmen 112(111),4-5.6-7.8-9.
    Hij is voor de vromen een licht in de duisternis, genadig, barmhartig, rechtvaardig. Goed gaat het wie genadig is en vrijgevig, wie zijn zaken eerlijk behartigt. De rechtvaardige komt nooit ten val, men zal hem eeuwig gedenken. Voor een vals gerucht zal hij niet vrezen, hij is standvastig en vertrouwt op de Heer. Standvastig is zijn hart en zonder vrees. Aan het eind ziet hij zijn vijanden verslagen. Gul deelt hij uit aan de armen, zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd.
  • Zondag 5 Februari : Uit de 1e brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte 2,1-5.
    Broeders en zusters, toen ik Paulus, u het getuige­nis van God kwam verkondi­gen, deed ik dat niet met vertoon van welspre­kendheid of geleerdheid. Ik had mij voorgenomen u geen enkele wetenschap te brengen dan die van Jezus Christus en zijn kruis. Bovendien voelde ik mij toen zwak, nerveus en angstig. Het woord dat ik u verkon­digde, had niets te danken aan de overredings­kracht van de `wijsheid', maar het getuigde van de kracht van de Geest: uw geloof moest niet steunen op menselijke wijsheid, maar op de kracht van God.

Teksten zijn ontleend aan de website "Dagelijks Evangelie, www.dagelijksevangelie.org"